· 

LET OP KOPZIEKTE (HYPOMAGNESEMIE) BIJ UW RUNDEREN:

In het voorjaar en in het najaar neemt bij runderen de kans op het krijgen van kopziekte helaas weer toe.

Kopziekte lijkt op melkziekte, maar bij kopziekte spreken we van een magnesiumtekort. Dit komt o.a. voor bij te hoge stikstofgiften en/of als er te kaliumrijk gras wordt gevoerd. Bij een hoog kaliumgehalte in het gras daalt de opname van magnesium in de darm. De aandoening komt vaker voor bij (zoog)koeien die dag en nacht in de weide lopen.

Melkveehouders met uitgebalanceerde voederrantsoenen hebben zelden kopziekte onder de koeien. 

Het komt frequenter voor bij op de weide- en extensief gehouden (zoog)koeien.

Kopziekte is een direct gevolg van een tekort aan magnesium in de bloedbaan van het rund. Hiervoor kennen we diverse oorzaken:

1. Doordat de (melkgevende) dieren bij koude en natte weersomstandigheden op onbeperkt weidegras grazen, heeft het voedsel in de darmen een te hoge passagesnelheid. Het magnesium uit het gras wordt daardoor onvoldoende in de bloedbaan opgenomen. Dit verlaagde absorptievermogen wordt veroorzaakt door “watergras”, (gras met veel blad, veel vocht, teveel onbestendig eiwit en te weinig structuur).

2. Bij koud weer neemt gras weinig magnesium en calcium uit de bodem op.

Lacterende koeien nemen bij koud voorjaar- en herfstweer juist meer gras op en geven daardoor meer melk. Hierdoor komen ze in een vicieuze cirkel terecht.

Een weidende koe die een gezond kalf zoogt, heeft een dagproductie tussen de 10 en 20 liter melk. Met de melk geeft de koe veel magnesium en calcium weg. Deze beide mineralen MOET ze met het dagelijkse rantsoen weer aanvullen.

Normaal bevat weidegras voldoende van deze mineralen maar in 3 situaties is er ernstig risico voor melkgevende koeien op tekorten:

• op zware kleigronden is het magnesiumgehalte in het gras laag omdat het slecht uit de grond kan worden opgenomen.

• op weidegras dat is gegroeid na (te) zware bemesting met stikstof of met drijfmest van varkens of koeien.

• op weidegras in het voorjaar of in de herfst doordat het gras dan weinig structuur bevat (“watergras”). De mineralengehalten aan magnesium en calcium zijn in dit gras te laag.

Doen één of meerdere van bovenstaande situaties zich voor, dan zijn de eerste verschijnselen bij de koeien dunne tot zeer dunne mest. Als je dit ziet als veehouder van zogende koeien dan dien je direct actie te ondernemen door het rantsoen aan te passen. (Droge stof met veel structuurrijk hooi bijvoeren). Hierdoor zal de mineralen benutting in de koe herstellen. 

Magnesium-arme gronden kunnen met magnesiumhoudende meststoffen bemest worden. Ook is het toedienen van magnesium en calcium door middel van een mineralen-emmer of magnesiumkoeken een optie.

DE SYMPTOMEN OP EEN RIJTJE: 

Bij kopziekte eet de koe minder, neemt de buikomvang toe en heeft de koe diarree. De melkproductie is gedaald, de koe scheidt zich af van de groep en de oren staan strak naar achteren. Het dier vertoont een wankele gang en loopt stijf. Dit kan snel overgaan in geheel platliggen op één zijde.

Soms zijn de eerdere verschijnselen niet duidelijk te zien. De dieren hebben krampen en de hals wordt naar achteren gestrekt. Sommige dieren slaan met de kop en kunnen niet eens meer staan.

De lichaamstemperatuur is in dit stadium te laag, (37,5 graden Celsius). Er treden trillingen en verkrampen van de spieren op.

Bij bloedonderzoek zie je dat het magnesiumgehalte in het bloed normaal 0.66 – 1.07 mmol/L bedraagt. Bij koeien met kopziekte bedraagt dit magnesiumgehalte soms minder dan 0.12 mmol/L.

Het calciumgehalte in het bloed bedraagt normaal 2.43 – 3.10 mmol/L. Bij duidelijk lagere calciumgehaltes in het bloed (bijv. 2.05 mmol/L.), in combinatie met het lage magnesiumgehalte kan de waarschijnlijkheidsdiagnose kopziekte bevestigd worden.

 

BEHANDELING:

Als behandeling kan een calcium-magnesiuminfuus gegeven worden. Dit is hetzelfde infuus als bij melkziekte. Vaak knappen de dieren hier snel van op. Tegelijkertijd moet het voederrantsoen aangepast worden zodat herhaling voorkomen wordt.

Is kopziekte bij één dier vastgesteld, let dan ook op de andere dieren in het koppel!