· 

HET “VEULEN ABC”: (deel 1)

HET “VEULEN ABC”

Een onderwerp dat heel vaak besproken wordt onder paardenliefhebbers en soms tot heftige discussies kan leiden. Wat zou een veulen nu eigenlijk allemaal moeten kunnen?

Wanneer creëer je een respectloos paard dat in je broekzak zit, en wanneer creëer je een “verwilderd” en moeilijk te hanteren paard?

Helaas is het niet zo zwart/wit en is de grens erg moeilijk vast te stellen. Zaken als het karakter van het veulen, hoe men ermee omgaat, en het houderij systeem spelen daarbij een heel belangrijke rol.

Groeit het paard in een natuurlijke omgeving op, (tussen andere merries met veulens, en later in een groep dieren van verschillende leeftijden en hetzelfde geslacht), dan is het duidelijk socialer en zal het zich makkelijker aanpassen aan veranderende situaties.

Opgroeien tussen soortgenoten heeft een grotere opvoedkundige waarde voor het paard dan dat de mens zich realiseert!

Heeft het veulen weinig of geen contact met soortgenoten, of heeft het te weinig bewegingsvrijheid, dan zal het veel meer niet gewenst (asociaal) gedrag vertonen. Zowel naar de mens als naar soortgenoten toe.

Voor alle duidelijkheid: in volledige vrijheid zonder contact met mensen opgroeien of structureel knuffelen (vermenselijken), beide uitersten leiden later tot een moeilijk te hanteren en dus een “ongehoorzaam” paard. De mate waarin dit alles gebeurt, is dus bepalend voor het eindresultaat.

Enkel een persoon die op basis van wederzijds respect en -vertrouwen met zulk een, (vaak als "probleempaard" bestempeld) dier omgaat, kan het succesvol “resetten”.

Een veulen heeft in het begin alleen maar de merrie nodig, en natuurlijk liefst andere veulens als speelkameraden.

Er bestaat naar mijn overtuiging dan ook geen enkele reden om een pas geboren veulen al direct na de geboorte aan menselijke invloeden bloot te stellen. Denk hierbij aan de “Imprint-training” bij het pasgeboren veulen.

Hoe ik daarover denk, (en nog andere wetenswaardigheden), leest u in deel 2 van het “Veulen ABC”.