· 

KALVEREN SPENEN MET MINDER STRESS:

De kalender kondigt alweer het naderende einde van de zomer en het begin van de herfst aan. 

Tijd om na te denken over het spenen van het jongvee dat nu nog bij de koeien loopt.

 

HET ZOGEN EN SPENEN IN DE VRIJE NATUUR:

In de natuur blijven koeien hun kalveren soms zo lang zogen tot aan de geboorte van het volgende kalf. Soms zelfs nog langer, waardoor de melkvoorziening van het nieuwgeboren kalf in het gedrang kan komen.

5 dagen oude kalveren drinken 5-14 x 8 minuten per dag.

Na 10 maanden is dit nog 3 x per dag, en na 400 dagen 1,5 x per dag.

 

STIERKALVEREN VERSUS VAARSKALVEREN:

Stierkalveren drinken in de natuur tot +/- 11 maanden bij de koe. Dit is 2,5 maanden langer dan vaarskalveren.

 

Het zuiggedrag van kalveren is aangeboren, dit zuigreflex is tot 30 minuten na de geboorte het sterkst en neemt dan qua intensiteit af.

Sommige kalveren missen de zuigreflex. In de natuur zullen deze dieren sterven, in de rundveehouderij krijgen deze kalveren (soms tot wel enkele dagen), een maagzonde.

 

Als onder (semi)natuurlijke condities een kalf zich samen met de moeder bij de kudde heeft gevoegd, zal het op een leeftijd van zo’n 14 dagen in een soort “crèche” worden ondergebracht.

 

Er zijn aanwijzingen dat in dergelijke groepen de kalveren in paren met elkaar optrekken. 

De zoogkoe is normaliter uiterst zorgzaam voor haar kalf na de geboorte. Deze moeder- kalf binding blijft bestaan zolang het kalf bij de moeder drinkt.

 

Ooit komt echter het moment dat moeder en kalf gescheiden worden. Dit dient bij voorkeur met zo min mogelijk stress te gebeuren.

SPENEN OP MINIMAAL 10 WEKEN LEEFTIJD:

Gezonde kalveren zijn zelfstandig als ze goed en voldoende ruw- en krachtvoer eten en daarbij MINIMAAL 10 weken oud zijn.

Bij zoogkalveren is dit de absoluut minimale leeftijd omdat ze in de eerste levensmaanden vaak volop melk drinken bij de moeder en daardoor weinig (ruw)voer opnemen. 

Dit geeft een goede groei van het kalfje maar de voormagen ontwikkeling is hierdoor echter nog gering.

We zien vaak toch nog een grote groeivertraging optreden wanneer de dieren al op deze jonge leeftijd worden gespeend. 

De zoogkoe heeft 10 weken na kalven nog een relatief hoge melkproductie, dit vormt een extra groot risico als je op deze jonge leeftijd gaat spenen. 

Indien dit toch noodzakelijk is, zorg dan dat het kalf ook voldoende water drinkt. Verstrek goed ruwvoer aan het kalf en speen als het kalf dagelijks 1,5 – 2 Kg. brokjes eet.

Rem de melkgift bij de koe af door ze voorafgaand aan het spenen enkele dagen op een schrale weide te houden. Na het spenen nog 10 dagen op een schrale weide houden, met continue water en voer indien mogelijk gerstestro bij. 

Gerstestro houdt de pensflora in tact en neemt het hongergevoel bij de koe weg. Stro bevat bijna geen eiwit, vitaminen en mineralen.

 

LATER SPENEN: 

Later spenen gebeurt meestal in de late herfst of rond de periode van opstallen. 

Ook hier mijn advies: rem de melkgift bij de koe af door ze voorafgaand aan het spenen enkele dagen op een schrale weide te houden. Na het spenen en/of opstallen nog 10 dagen op een schraal rantsoen houden, met continue water. Geef de gespeende kalveren goed ruwvoer en “verwen” ze met brokjes om de overgang goed te laten verlopen en de groei erin te houden.

STRESS EN SPENEN:

Het is helaas onvermijdelijk. 

Toch kunnen we de stress enigszins en heel gemakkelijk verminderen.

Kalveren van zoogkoeien hebben bij spenen minder stress als ze in dezelfde weide mogen blijven lopen. 

Met andere woorden: 

 

HAAL DE KOEIEN WEG BIJ DE KALVEREN EN NIET DE KALVEREN WEG BIJ DE KOEIEN. 

 

De kalveren kunnen zo nog enkele dagen in een voor hun vertrouwde en bekende omgeving blijven lopen. Dat reduceert de stress bij het jonge dier.