· 

“CRYPTO” OF CRYPTOSPORIDIOSE BIJ KALVEREN: (deel 2)

IS HET TE VOORKOMEN?:

Niemand kan zich van een "Crypto" besmetting in zijn omgeving vrijwaren. 

De belangrijkste preventieve maatregelen ter voorkoming zijn het geven van voldoende, (kwalitatief goede) biest en het toepassen van een goede (kalverhok) hygiëne.

 

Mits in een juiste concentratie toegepast, zijn ontsmettingsmiddelen met quaternaire ammoniumverbindingen of waterstofperoxide effectief.

 

Leegstand van de kalverhokken en enkele dagen goed laten drogen is daarbij absoluut gewenst. De besmettelijkheid van oöcysten wordt vermindert door de oöcysten gedurende enkele seconden bloot te stellen aan temperaturen onder de 0 ˚C of boven de 70 ˚C.

 

Nog zo’n belangrijke preventieve maatregel is een optimale hygiëne rond het moment van kalven. Zorg voor een schone afkalfstal en voorzie een voldoende hoeveelheid vers, schoon stro.

Zieke dieren horen niet thuis in de afkalfstal! In de praktijk zie ik nog te vaak dat de afkalfstal wordt gebruikt om ook zieke dieren tijdelijk te huisvesten… 

De daaropvolgend geboren kalveren worden soms in de meest gecontamineerde stalruimte van het bedrijf geboren.

 

VLIEGENBESTRIJDING:

Vliegen verspreiden in sommige gevallen de oöcysten. Een adequate en structurele vliegenbestrijding is dus noodzakelijk.

 

PREVENTIEF VACCINEREN?: 

Momenteel is er geen vaccin beschikbaar tegen cryptosporidiose.

 

WAT TE DOEN ALS BEHANDELENDE THERAPIE?:

Het enige in Nederland geregistreerde product is op basis van halofuginone lactaat. Dit middel heeft de registratie ter preventie en/of reductie van diarree veroorzaakt door Cryptosporidium parvum.

 

Voor een snelle en correcte werking moet het product binnen 24 tot 48 uur na kalving, of binnen 24 uur na het ontstaan van de diarree aan het kalfje worden toegediend. De werking is aanzienlijk minder bij toediening aan dieren die langer dan 24 uur aan diarree leiden, en/of aan dieren die verzwakt zijn.

 

Halofuginone voorkomt diarree absoluut niet, maar verminderd de klachten wel. Een goede bedrijfshygiëne gecombineerd met een goed biestmanagement, (kwalitatief goede biest op het juiste moment, met de juiste temperatuur in de juiste hoeveelheden toegediend), geeft het beste resultaat. De biest moet van goede kwaliteit zijn en er moet zo snel mogelijk zo veel mogelijk van gegeven worden. Vooral in de preventie van besmettelijke diarree is een snelle en juiste optimalisering van de passieve afweer van groot belang.

 

Om het herstel van het kalf te bevorderen kan de bedrijfsdierenarts ook besluiten om naast de therapie het dier te behandelen met NSAID. (NSAID is de afkorting voor de Engelse naam 'Non Steroid Anti Inflammatory Drug'). Het zijn pijnstillers met tevens een ontstekingsremmende werking. Meloxicam of Flunixine zijn zulke middelen om het herstel te bevorderen. 

Vaak zie je bij een eenmalige injectie met Meloxicam bij kalveren met natuurlijk optredende diarree al een duidelijke verbetering in drinkgedrag, ruwvoeropname en dus groei.

 

Afsluitend kunnen we stellen dat algemene zaken op het vlak van hygiëne, biestmanagement en werkwijze ook gelden bij het zoveel mogelijk voorkomen en bestrijden van de parasiet Cryptosporidium parvum. 

De grote uitzondering daarbij is dat we rekening moeten houden met de specifieke producten die nodig zijn voor een gerichte behandeling en ontsmetting.