· 

BIESTVERSTREKKING EN KALVERDIARREE: (deel 1)

Een goed management rond afkalven en biestverstrekking kan in veel gevallen kalverdiarree voorkomen.

 

Kalveren worden geboren zonder afweerstoffen. De oorzaak hiervan is de dikte van de placenta (moederkoek). Deze maakt het voor antistoffen onmogelijk om via de bloedbaan van de koe, in de bloedbaan van het ongeboren kalf te geraken.

Gelukkig heeft de natuur hiervoor een goed alternatief bedacht. De koe concentreert haar antistoffen in de biestmelk.

 

Steeds meer veehouders (h)erkennen de meerwaarde van deze biest als het gaat om ziektepreventie en opbouw van antistoffen bij het kalf. Door in de droogstand de koeien tijdig en gericht te vaccineren, legt men de basis voor een goede weerstand bij het kalf.

MAAR: 

Is “veel, vaak, verse biest verstrekken”, ook voldoende?

Wanneer weten we of de biest van goede kwaliteit is, en wat is een goede biestkwaliteit?

Dikte of kleur van de biest zegt niets over de kwaliteit ervan.

De kwaliteit is alleen door meten vast te stellen. (Kwalitatief goede biest bevat voldoende Immunoglobulinen (afgekort Ig). Deze antistoffen of antilichamen, zijn eiwitten die door gewervelde dieren worden geproduceerd als reactie op antigenen. 

Bij koeien spelen de lgG Immunoglobulinen een cruciale rol.

 

Antigenen zijn de lichaamsvreemde stoffen zoals virussen, bacteriën of grote moleculen.

 

Enkele aandachtspunten inzake biestverstrekking zijn:

1. 

De kwaliteit van biestmelk is direct gekoppeld aan het droge stof gehalte. Hoe meer droge stof, hoe beter de kwaliteit van de geproduceerde biestmelk. Koemelk bevat +/- 12,5% droge stof, verse biest van goede kwaliteit bevat liefst meer dan 25% droge stof. Krijgt het kalf biestmelk met 27% droge stof of meer, treden er zelden ziekteproblemen bij het dier op.

2. 

Meten van het droge stof gehalte kan op verschillende manieren: 

- via een extern laboratorium, dit duurt meestal te lang.

- met een biestmeter, dit is een grove methode en het (glazen) instrument is vaak kwetsbaar.

- met een “Brix” meter of een Refractometer. 

Dit aparaat is gebruiksvriendelijk en zeer accuraat.

3. 

Is de hoeveelheid te verstrekken biestmelk bepalend voor een goede start? Sommigen geven veel biest en gaan er dan vanuit dat alles okay is. Het is natuurlijk altijd beter dan geen biest, maar eigenlijk weet je dan niet wat je voert.

4. 

Biestmelk (Colostrum) van hoge kwaliteit bevat > 50 mg/ml IgG, matige kwaliteit 26-50 mg/ml IgG, lage kwaliteit < 25 mg/ml IgG.

Zelf hanteer ik als norm dat het kalf na de geboorte zo snel mogelijk 200 gram antistoffen moet binnenkrijgen. Dit betekent 4 liter gemeten biestmelk van hoge kwaliteit, binnen 6 uur na de geboorte.