· 

STRESS EN VOEDING BIJ KALVEREN:

Zorg bij de voeding voor een evenwichtige en goed verteerbare voeding, (en let bij kunstmelk op de juiste mengverhouding!).

 

Deze eenvoudige aandachtspunten verhogen de weerstand van het kalf tegen maag-darminfecties. De weerstand wordt bij kalveren nog eens extra verhoogt door een optimale voeding (energie, sporenelementen en vitamines), van de koeien tijdens de droogstandperiode. De kalveren worden zo met voldoende reserves geboren.

 

Bijzondere aandacht gaat uit naar de vitamine A, vitamine E en Selenium voorziening. Ook zie ik in de praktijk vaak ijzertekorten bij kalveren. (dit laatste bij bloedonderzoek).

Een mengbeeld van matige tot milde tekorten aan meerdere sporenelementen en vitamines maakt het stellen van de juiste diagnose bij kalveren vaak lastig. Meestal is er sprake van een diffuus symptomenbeeld. Zwakke, minder vitale kalveren, (soms met neonatale kalverdiarree), vormen dan vaak de hoofdklacht.

 

Naar mijn mening is het daarom de aangewezen weg om bij slepende en moeilijk behandelbare klachten bij kalveren, zeker ook de voeding en voedingstoestand van de koeien nader te analyseren. Niet enkel vanuit de rantsoenberekening, maar vooral ook vanuit het individuele dier. 

 

Het bloedbeeld van een aantal koeien en vaarzen met betrekking tot vitamine A, vitamine E, Selenium, Koper, Zink, Jodium, Kobalt en IJzer geeft een goede eerste indicatie over de vitaminen- en mineralenvoorziening bij de jonge kalveren op het bedrijf. Door deze analyse kan in een vroeg stadium nog op een correcte wijze worden bijgestuurd.

Een vroege opsporing van het probleem en een adequate behandeling van zieke kalveren bevordert een snel en succesvol herstel. Volg kalveren die moeilijk drinken en/of kalveren waarbij de achterhand overmatig is besmeurd, van zeer nabij op. 

Een heel belangrijke factor in het ziekteverloop van kalveren met diarreeproblemen is de uitdroging. Controleer daarom regelmatig de hydratatietoestand van kalveren die aangetast zijn door diarree. Dit kun je zeer eenvoudig doen door in de hals van het kalf een huidplooi ‘op te trekken’. Wanneer je deze huidplooi loslaat, dient de huid onmiddellijk terug te keren naar haar oorspronkelijke uitgangspositie. 

Bij kalveren met uitdrogingsverschijnselen, zie je dat deze huidplooi een korte of langere tijd blijft staan. Ook zijn bij deze kalveren de ogen in meer of mindere mate weggezonken in de oogkas. 

In een nog verder stadium zijn de kalveren zodanig uitgedroogd dat ze slap zijn en daardoor niet meer recht kunnen staan. De kans dat dergelijke kalveren nog genezen is dan erg klein.

Bij kalveren waarbij de diarree tijdig wordt waargenomen, en er op tijd begonnen wordt met een (rehydratatie) behandeling, treedt in de meeste gevallen een spoedig herstel op. 

Soms is toediening van antibiotica noodzakelijk om een infectie onder controle te houden.

 

Afhankelijk van het ziektebeeld wordt een infuus gegeven of laat men het kalfje drinken. Bij drinken verstrekt men de vloeistof het best in verschillende kleine hoeveelheden. Minimaal vier keer per dag, maar dat moet praktisch natuurlijk ook haalbaar zijn. (nog frequenter is zelfs beter voor het kalf !).

 

Toediening via speenemmer of emmer geeft betere resultaten dan via sondevoeding. Bij sondevoeding is er risico op pensovervulling en op beschadiging van de luchtpijp/slokdarm.

Het op lichaamstemperatuur toedienen helpt om verdere afkoeling van het kalf te vermijden, en vermijdt bovendien dat het kalf extra energie moet gaan opofferen om de koude vloeistof zelf ‘op te warmen’.

 

De meningen verschillen nogal over het gegeven of de melkvoeding al dan niet tijdelijk moet worden gestopt, en hoe lang enkel elektrolyten mogen worden gegeven. 

Wat mij betreft is twee dagen enkel elektrolyten toedienen het maximum. Langer doorgaan zal het kalf te veel verzwakken. 

Bij magere/slappe dieren zou ik de verstrekking van elektrolyten zelfs beperken tot één dag.

Ga geleidelijk te werk bij de terugkeer van elektrolyten naar de melk. Dit kan bijvoorbeeld door het kalf twee keer per dag een drankbeurt met elektrolyten, en twee keer per dag een melkbeurt te geven.

 

Herstelt het kalf niet vlot, of gaat de toestand van het kalf achteruit, raadpleeg dan direct uw dierenarts. Deze kan het kalf een infuus geven. Door het kalf via een infuus van extra vocht te voorzien, zijn al heel wat kalfjes snel gered.

Het toedienen van extra vocht is één zaak, het bestrijden van de oorzakelijke ziekteverwekker blijft ook prioriteit, doe dit in overleg met uw bedrijfsdierenarts.

Bij een ontstekingsreactie ter hoogte van het maag-darmstelsel, kan hij indien nodig ontstekingsremmende middelen inzetten. Deze remmen de ontsteking, en kunnen de terugkeer naar een normale darmwerking stimuleren. Het gebruik ervan dient echter gelimiteerd te worden tot één of hoogstens enkele dagen. De neveneffecten die deze middelen uitoefenen op de nieren en op het slijmvlies van de maag en de darmen zijn (te) groot.

 

Bepaalde producten, (zogenaamde darmprotectiva / -absorbantia), waaronder kaoliën en actieve kool, hebben een ‘esthetisch’ effect.

Dit wil zeggen dat de mest dan meer gebonden wordt. Bij bacteriële infecties zou er bovendien een toxine-bindend effect optreden.