· 

KLIMAATBEHEERSING BIJ DE OPFOK VAN JONGVEE: (slot)

 

HET GEBRUIK VAN STRO EN/OF ROOSTERS

Een bodembedekking met voldoende droog stro van goede kwaliteit heeft een dubbelfunctie.
Het draagt op dierniveau niet alleen bij tot een behaaglijke temperatuur, het verlaagt daar ook nog eens de infectiedruk.
Des te vaker en meer men goed stro gebruikt, des te lager wordt de infectiedruk en des te hoger is de gevoelstemperatuur bij het dier. 
Bij kalveren die temperatuurschommelingen zelf nog onvoldoende kunnen compenseren, (en daardoor gevoelig zijn voor temperatuurschommelingen en vocht), is huisvesten op een geschikt stro-bed een groot voordeel. 

Hoe lang een (gedeeltelijke) huisvesting op stro wenselijk is, is natuurlijk sterk afhankelijk van het weer. Uit onderzoek is gebleken dat de ondergrens op ongeveer 6 maanden ligt. Het weer is dan ook vaak seizoensgebonden. 
Een goede tussenoplossing (zeg maar als overgangsperiode en voorbereiding op de roostervloer), is een combinatie van strogedeelte en roostergedeelte.

MECHANISCHE OF NATUURLIJKE VENTILATIE
Het is lang niet altijd mogelijk, maar vanuit meerdere invalshoeken, (waaronder luchtstroming in relatie tot stalklimaat en de daarbij behorende luchtkwaliteit), is natuurlijke ventilatie het beste.


Het nadeel van natuurlijke ventilatie is dat gericht op de juiste temperatuur sturen, (met daarbij een lage luchtvochtigheid in een tochtvrije stalomgeving), vaak niet te realiseren is.

Voornamelijk de windrichting, en de situering van de stal ten opzichte van de overheersende windrichting, spelen daarbij een heel belangrijke rol.

Mechanisch ventileren lijkt dan een gemakkelijk alternatief maar onderschat dit niet. “Even een stukje stal dichtmaken en een grote ventilator erin hangen”, zal vaak niet bijdragen tot het gewenste stalklimaat.
Vooral de hoge luchtvochtigheid in koude periodes, en in periodes dat de nachten nog koud zijn en de dagen aangenaam warm, (zoals lente/zomer en herfst/winter overgangen), zorgen vaak voor een slecht stalklimaat.

 

Een in alle situaties geschikte huisvesting voor jongvee creëren is meer dat alleen maar een “stukje stalruimte”. 
Zeker bij de opfok van de toekomstige generatie is een goede start van groot belang. Eens in de jeugdgroei een achterstand opgelopen, wordt dat naar mijn mening nooit meer voor 100% gecompenseerd.