· 

HONDENTRAINING, PAARDENTRAINING, ”KOEIENTRAINING”:

Niets is vervelender dan een hond die niet komt als je hem roept, of een paard dat je niet “gehoorzaamt” en zijn eigen weg gaat.

Door oefenen en trainen, (lees: door ermee te werken), leren wij het dier om ons te begrijpen en begrijpen wij het dier (of de dieren) zelf ook beter.

 

EN HOE WERKT DIT DAN BIJ ONZE RUNDEREN?:

“Gewoon eraan beginnen en ze dan in de juiste richting opdrijven. Dwingen, dan lopen ze vroeg of laat wel”. 

Dat hoor ik maar al te vaak.

Die juiste richting is helaas meestal niet de richting die de runderen voor ogen hebben. 

“Gelukkig” kunnen we dan nog gaan zwaaien, roepen, schreeuwen, rennen, met touwen proberen de zaak te redden, etc.

"GRONDWERK" VOOR RUNDEREN:

Het belang van grondwerk bij de training van paarden is algemeen geweten.

Door met het paard te werken bouw je vertrouwen op, toon je leiderschap en creëer je controle over het dier (of de groep dieren). 

Als het paard dit leiderschap heeft geaccepteerd, gaat men door met de vervolgtrainingen.

 

Hebt u zich al eens afgevraagd waarom het paard, de pony in de weide, of uw hond van alles wordt aangeleerd, en u de runderen maar laat begaan?

 

"Rundveehouders hebben daar geen tijd voor", wordt vaak gezegd. 

Neem dan eens de tijd om u af te vragen met welke runderen u de meeste tijd verliest… 

Wedden dat het die dieren zijn die een andere denk- of looprichting hebben dan u.

Dit soort dieren kennen geen “grondwerk”, hebben gebrek aan vertrouwen, kennen geen leiderschap en geen controle. Met problemen bij het hanteren van de runderen als resultaat.

Nog zo’n vervelende bijkomstigheid is, dat wanneer men problemen heeft met de omgang met dieren, je ze meestal niets goeds aanleert.

Een neerwaartse spiraal is het gevolg.

HOE NU VERDER?:

 

Werk samen MET, en niet TEGEN uw vee. 

Bouw zo een zekere mate van vertrouwen, leiderschap en controle op voordat u iets anders met hen probeert te doen.

 

In de klauwbehandelbox, de melkrobot of de veewagen drijven komt dan later aan de orde.

Door samenwerking tussen rundveehouder en de runderen leren beiden dat ze zich op een gecontroleerde manier kunnen verplaatsen. Gecontroleerd kunnen vertragen, versnellen, stoppen, veranderen van richting enzovoorts.

 

Tijdens inleidingen en praktijktrainingen op rundveebedrijven en o.a. scholen vergelijk ik de omgang met kuddedieren altijd met autorijden.

De kunst van het autorijden is tijdig en correct anticiperen op de ontstane situatie door o.a. te sturen, gas te geven en te remmen.

Bij de omgang met runderen en overige kuddedieren is het niet anders. 

In feite leren wij, (door met de dieren het “grondwerk” te doen), hen een basisvaardigheid aan. 

Runderen leren zo zich te gedragen zoals wij dat willen. Het resultaat is dat wij het dier of de groep dieren onder controle hebben en onder controle houden. 

Leiderschap door training, respect en vertrouwen.