· 

TEPELVOERINGEN: TIJDIG VERVANGEN HOUDT DE MELKSNELHEID OP PEIL:

De tepelvoering komt direct in contact met de speen, en dus met de koe. Hier mag niets misgaan, anders wordt het melkproces direct negatief beïnvloed.

 

Gedurende het melkproces opent en sluit zich de tepelvoering door pulsatie. Bij openstaande tepelvoering is er een vacuüm waardoor de melk uit de speen stroomt.

Sluit de tepelvoeringwand zich, dan ontstaat er druk op de speen. Door de wisselwerking van openen en sluiten, stroomt bij sluiten bloed en lymfevocht vanuit de speen terug in de bloedsomloop van de koe. Mede door een foutieve keuze van tepelvoering en/of afstelling van de melkinstallatie, (voornamelijk teveel druk), kan er vorming van eeltplekken aan de speen-uiteinden ontstaan.

 

“Versleten of oude tepelvoeringen” doen hun werk nog wel. Zolang ze niet stuk zijn beperkt zich deze slijtage vaak alleen maar tot een lagere melksnelheid.

 

Gek genoeg beginnen de problemen bij de koeien vaak NA een TE LATE WISSEL van de tepelvoeringen!

 

Vandaag heb ik dit helaas ook weer op een melkveebedrijf kunnen constateren. De melkveehouder dacht dat het qua slijtage van de tepelvoeringen niet zo’n vaart zou lopen. Het viel hem wel op dat de duur van het melkproces duidelijk en stelselmatig toenam en de melksnelheid daalde. Daarop besloot hij om de tepelvoeringen eens te vervangen.

 

Na de (te late) wissel reageerden de koeien voor de veehouder totaal anders dan verwacht. Het melkproces verslechterde zelfs. Toen ik de oude en de nieuwe tepelvoeringen op het bedrijf met elkaar vergeleek, was het wel duidelijk:

De voering van de nieuwe werkt anders op de speen dan de “versleten” oude. Terwijl de oude veerkracht mist, (met als resultaat een verkleining van het tepelkanaal en het slotgat), is bij de nieuwe net het tegenovergestelde het geval. 

Hier moeten koeien erg aan wennen. Zij ervaren het alsof er “een vreemd kalf” zuigt, met een totaal ander zuiggedrag!

 

Bij verouderde tepelvoeringen is er immers een lagere piek-melkstroom en neemt de melksnelheid af, terwijl de fluctuatie in het vacuüm kan toenemen. De tijd die nodig is om de koe uit te melken neemt hierdoor significant toe.

 

Een te lange gebruiksduur van de tepelvoering heeft ook het ruwer worden van het materiaal tot gevolg. Dit kan dan weer effect hebben op de kwaliteit van de melk.

 

De levensduur van tepelvoeringen hangt mede af van het aantal melkingen. Vervang ze tijdig ter voorkoming van uier- en melkproblemen.

Vraag hier uw melkinstallatie leverancier (tijdig) om advies.